Cookies help us deliver our services. By using our services, you agree to our use of cookies.

Wervelletsel:CSpine

Inleiding

De cervicale wervelkolom, ook wel CWK of C-spine genoemd, bevat net als de rest van de wervelkolom het ruggenmerg dat tussen hersenen en lichaam loopt en bestaat zelf uit botstructuren en weke delen zoals ligamenten. Wegens de grote mobiliteit van de nek, zijn deze structuren erg gevoelig voor letsel en is de kans groot dat na een HET of een plotseling trauma aan de nek fracturen van de nekwervelkolom optreden. De oorzaken voor letsel aan de cervicale wervelkolom zijn voornamelijk ongelukken met motorvoertuigen (50%), vallen van hoogte (20%) en sporten (15%). De rest wordt veroorzaakt door inter-persoonlijk geweld. In het protocol is daarom apart aandacht voor immobilisatie van de nekwervelkolom en het hoofd, met name ook omdat na het ongeval de nek gemakkelijk bewogen wordt door slachtoffer of omstanders, terwijl de rug vaak in dezelfde houding blijft omdat het slachtoffer niet bewogen wordt.

Pathofysiologie

De cervicale wervelkolom bestaat uit zeven wervels, met bijbehorende tussenwervelschijven en ligamenten die ervoor zorgen dat de wervelkolom als een stevig geheel beweegt. Door deze stevigheid wordt letsel aan het ruggenmerg voorkomen. Bij hoogenergetische traumata, kan er echter dusdanig veel kracht worden uitgeoefend op de cervicale wervelkolom, waardoor deze mechanisch onstabiel wordt en de onderdelen niet meer op hun plek worden gehouden. Door de ontstane instabiliteit kan er gemakkelijker letsel ontstaan, zoals breuken en ontwrichtingen. Het ruggenmerg kan dan geheel of gedeeltelijk aangetast worden door scherpe botstukken die de zenuwen kunnen doorsnijden. Tevens kunnen er door het geweld bloedingen en oedeem (vochtophoping) ontstaan die druk op de zenuwen uitoefenen. Beide mechanismen zorgen ervoor dat zenuwen zowel vanaf en naar de hersenen niet meer functioneren met als gevolg neurologische uitval, oftewel een dwarslaesie.

Symptomen en klachten

Een dergelijke dwarslaesie kan zich uiten in krachtsverlies van de ledematen, gevoelsverlies of tintelingen in armen en benen. Het slachtoffer kan ook last hebben van een dof gevoel in de aangedane zenuwen. Bij hoge doorsnijding boven de 4e nekwervel, kan de ademhaling uitvallen omdat het diafragma dan niet meer werkt. Er kan ook sprake zijn van lokale klachten zoals nekpijn of pijn bij bewegen. Men moet ook beducht zijn voor een neurogene shock.